Skip to content

Meer bescherming voor slachtoffers van strafbare feiten vanuit Europa

In 2012 alweer hebben het Europees Parlement en de Europese Raad een Richtlijn aangenomen die tot doel heeft het versterken van de positie van slachtoffers van strafbare feiten.

“Europa” heeft aan de lidstaten een set minimumnormen opgelegd die gaan over de rechten, ondersteuning en bescherming van slachtoffers. De lidstaten van de Europese Unie hadden tot 16 november 2015 de tijd om deze minimumnormen op te nemen in hun eigen wetgeving. Nederland heeft dit niet op tijd gedaan.

Rechtstreekse werking

Staan Nederlandse slachtoffers van strafbare feiten dan nu met lege handen? Gelukkig niet. Als de lidstaat er niet in slaagt om op tijd de minimumnormen op te nemen in de eigen wetgeving, dan krijgt de Richtlijn “rechtstreekse werking”. Dit betekent dat slachtoffers van strafbare feiten in Nederland een beroep kunnen doen op de Europese minimumnormen, ook al zijn deze nog niet opgenomen in de Nederlandse wet.

Verbetering hard nodig

De positie van slachtoffers in een strafzaak is de laatste jaren zeker verbeterd. Dit betekent zeer zeker niet, dat in Nederland alles goed geregeld is voor slachtoffers. Er kunnen veel dingen anders en beter. In de krant heeft u daarover de laatste tijd regelmatig iets kunnen lezen. De rechtbanken hanteren bijvoorbeeld een strikte lijn, daar waar het gaat om het uitoefenen van het spreekrecht. De stiefmoeder en stiefzus van een overleden slachtoffer werd geen spreekrecht toegekend. De ouders van jonge slachtoffertjes van zedenmisdrijven moeten vaak ook knokken voor hun positie, zoals u onder meer in de zaak van Robert M. in de media heeft kunnen vernemen.

Wat staat er in die minimumnormen?

De Europese minimumnormen gaan over rechten, ondersteuning en bescherming van slachtoffers en hun familieleden. Zo heeft het slachtoffer vanaf het eerste contact met (meestal) de politie recht op informatie gedurende de strafzaak, beschermingsmogelijkheden, juridische bijstand, informatie over herstelrecht en informatie over de kosten van deelname aan de strafprocedure. Bijzonder belangrijk is het naar mijn mening ook, dat de autoriteiten (Openbaar Ministerie, de Rechtspraak, de politie et cetera) maatregelen moeten nemen om slachtoffers te beschermen tegen wat we met een duur woord secundaire victimisatie noemen. Een slachtoffer is al slachtoffer geworden van een strafbaar feit. We moeten voorkomen dat slachtoffers én hun familieleden in de strafzaak nog eens een keer slachtoffer worden, bijvoorbeeld door de manier waarop met hen wordt omgegaan tijdens de zitting of tijdens een getuigenverhoor. Of door het steeds weer tegen het lijf moeten lopen van de verdachte in de strafzaak en zijn familie. Slachtoffers kunnen nu verwijzen naar de Europese minimumnormen en eisen dat er maatregelen worden genomen die hen zoveel mogelijk bescherming bieden. De minimumnormen regelen nog veel meer voor slachtoffers, het gaat te ver om hierop in detail in te gaan. Ben je geïnteresseerd, kijk dan eens op de site van het OM

Rechten voor álle slachtoffers

Mijn ervaring is dat er, door betere samenwerking tussen de verschillende organisaties, veel zaken voor slachtoffers al beter geregeld zijn dan tien of vijftien jaar geleden. Mijn ervaring is ook, dat ik als advocaat door kortere lijnen met bijvoorbeeld het Openbaar Ministerie vaak in overleg dingen goed kan regelen voor mijn cliënten. Desondanks is het goed, dat er nu minimumnormen zijn waarop je een beroep kunt doen als het niet lukt om goede afspraken te maken. Zo ben je als slachtoffer niet afhankelijk van je advocaat, het begrip van de rechtbank of een goede officier van justitie, maar kun je een beroep doen op je rechten als slachtoffer, ongeacht de omstandigheden.

Dit blog is geschreven door

Onderwerp

Wij gebruiken cookies enkel voor het bijhouden van onze bezoekersaantallen in Google Analytics.