Skip to content

Bestuurder vraagt tevergeefs om schorsing vermeend besluit van medebestuurder

Een bestuurder van een bedrijf wil dat een besluit van een medebestuurder wordt geschorst, nadat haar de bevoegdheid is ontnomen om de vennootschap zelfstandig als algemeen bestuurder te vertegenwoordigen. Volgens haar heeft de medebestuurder misbruik gemaakt van zijn positie als prioriteitsaandeelhouder. Hoe ziet de rechtbank dit?

Een vrouw trouwt na haar echtscheiding met een andere man. Haar nieuwe man richtte zo’n dertig jaar geleden een besloten vennootschap (bv) op, die daarna is voortgezet als een bedrijf voor estate planning. In de statuten daarvan staat onder meer dat als het bestuur uit meer dan één lid bestaat de Prioriteit een van hen tot voorzitter kan benoemen en één of meer van hen kan benoemen tot financieel bestuurder of algemeen bestuurder, of een bestuurder een andere titel kan toekennen. Ook is vastgelegd dat de Prioriteit bevoegd is om besluiten van het bestuur aan zijn goedkeuring te onderwerpen. De Prioriteit is degene die de stemgerechtigden op prioriteitsaandelen vertegenwoordigd.

Prioriteitsaandeel

Enkele maanden na het overlijden van haar man in 2011 wordt de vrouw aandeelhouder en bestuurder van het bedrijf en is zij alleen en zelfstandig bevoegd de vennootschap te vertegenwoordigen. Haar zoon, al jaren bestuurder van de bv, is dat sinds 2018 eveneens, en hij heeft ook een prioriteitsaandeel in de bv.

Veroordeling

Een paar jaar later spannen de vrouw en de bv een rechtszaak tegen de zoon aan bij de rechtbank Den Haag. Het vonnis in die zaak wordt op 11 januari 2023 gewezen. Daarin oordeelt de rechtbank dat de zoon de rentebetalingen van een met de bv gesloten geldleningsovereenkomst niet heeft betaald en dat hij de hele geldlening van € 600.000, plus € 14.690 aan kosten en minus een schenkingsbedrag van € 100.000 en rente van € 4.500, aan het bedrijf moet terugbetalen.

Bestuursvergadering

De zoon nodigt zijn moeder daarna uit voor een bestuursvergadering van de bv. Een van de agendapunten is de besluitvorming over het vonnis. Daarbij worden drie deelbesluiten vermeld en is een document aangehecht. In dit document staat dat de zoon handelt als houder van één (en enige) prioriteitsaandeel en zo alle stemgerechtigden op prioriteitsaandelen vertegenwoordigt. Er staat ook in dat de Prioriteit besluit om de aan de vrouw verleende titel ‘algemeen bestuurder’ in te trekken en de titel ‘gewoon bestuurder’ toe te kennen. Ook staat erin dat het bestuur voortaan goedkeuring nodig heeft van de Prioriteit als het gaat om het vonnis van 11 januari 2023 en daarmee verband houdende handelingen, zoals het instellen van hoger beroep, het aanstellen van een advocaat en het nemen van verdere (executie)maatregelen.

Uit de notulen van de vergadering blijkt dat aan de orde is geweest dat de vrouw door het prioriteitsbesluit als bestuurder geen zelfstandige bevoegdheid meer heeft om het bedrijf te vertegenwoordigen. Verder wordt in de notulen melding gemaakt van drie deelbesluiten, waarin de aan twee advocatenkantoren verstrekte opdracht wordt beëindigd en een ander advocatenkantoor wordt aangesteld als advocaat van de bv. Aan de orde komt ook dat onderzoek wordt gedaan naar de financiële situatie en huidige rechten en verplichtingen van de vennootschap en naar de herkomst van vermogen. Niet lang erna gaat de bv in hoger beroep tegen het vonnis van de Haagse rechtbank en wordt namens het bedrijf de aan twee advocatenkantoren verstrekte opdracht tot dienstverlening ingetrokken.

Schorsen

Bij de voorzieningenrechter (rechtbank Den Haag) eist de vrouw dat het besluit van de bestuursvergadering, waarbij haar de zelfstandige bevoegdheid om de vennootschap te vertegenwoordigen zou zijn ontnomen, wordt geschorst tot hierover in hoogste ressort is beslist. Ook wil ze dat de rechter bepaalt dat zij zonder belemmering uitvoering kan geven aan het executeren van het vonnis van januari 2023. De executie daarvan wordt volgens haar gefrustreerd door haar zoon, die zijn hoedanigheid als prioriteitsaandeelhouder indirect heeft ingezet om haar bevoegdheid om het bedrijf zelfstandig te vertegenwoordigen te ontnemen. Daardoor heeft hij de volledige zeggenschap over het bedrijf gekregen.

Niet bevoegd

Volgens de voorzieningenrechter gaat de vrouw er echter aan voorbij dat niet het bestuur heeft besloten om haar de hoedanigheid van algemeen bestuurder, en daarmee haar bevoegdheid om de bv zelfstandig te vertegenwoordigen, te ontnemen. Dit besluit is genomen door de vergadering van houders van prioriteitsaandelen (dus haar zoon). Dat gebeurde op grond van de statuten, waarin staat dat de Prioriteit een bestuurder de hoedanigheid van ‘algemeen bestuurder’ kan toekennen (en, zo moet worden aangenomen, kan ontnemen). De zoon voert dan ook terecht aan dat zijn moeder een besluit wil schorsen dat niet is genomen, en dat ook niet kon worden genomen omdat het bestuur daartoe niet bevoegd is.

Te laat

Hoewel dit punt ook op de zitting al is besproken, heeft de vrouw haar eis niet aangepast. Pas toen het debat klaar was en de zitting gesloten, en partijen al hadden afgesproken om te proberen de zaak alsnog in der minne op te lossen, stuurde haar advocaat een eiswijziging. Dat is te laat, aldus de voorzieningenrechter, en daarom kan nu geen beslissing worden genomen over het besluit van de Prioriteit. De voorzieningenrechter wijst de vorderingen van de vrouw af.

ECLI:NL:RBDHA:2023:10771

Bron:Rechtbank Den Haag | jurisprudentie | ECLI:NL:RBDHA:2023:10771 | 15-08-2023

Wij gebruiken cookies enkel voor het bijhouden van onze bezoekersaantallen in Google Analytics.